Aziatica

In de stad en provincie Groningen heeft van oudsher interesse bestaan voor oosterse keramiek. Al snel na de opening in 1894 ontving het Groninger Museum schenkingen en legaten van oosters porselein, van verzamelaars en uit lokale inboedels. Conservatrice Minke A. de Visser (werkzaam van 1921 tot 1966) richtte zich bij het vergroten en verdiepen van de verzameling zowel op de keramiekproductie in China en Japan als op het naar Nederland geëxporteerde porselein. Dit exportporselein uit de VOC periode (17de en 18de eeuw) is nu het belangrijkste en meest uitgebreide onderdeel van de collectie die circa 9000 stukken telt.

  • Kom - China, ca. 1600
  • Vaas - China, 1670-1680
  • Tulpenvaas - China, ca. 1700
  • Mr. Nobody - China, 1700-20
  • Olifant - Japan, 1670-1690
  • Saji Kichibei - Koffer, Japan (Kyoto), ca. 1650
  • Sits - India (Coromandel kust), ca. 1750

Van recente datum is de belangstelling van het Groninger Museum voor porselein uit scheepswrakken, dat immers zo'n grote documentaire waarde heeft. Een ander aspect dat aandacht krijgt is de wisselwerking tussen oost en west, zoals de invloed van oosters porselein op Delfts aardewerk en andere Europese keramiek.

De collectie wordt regelmatig uitgebreid door schenkingen, legaten en aankopen.

Het Groninger Museum werkt samen met het Rijksmuseum Amsterdam, het Gemeentemuseum Den Haag en het Keramiekmuseum Princessehof. Deze vier musea bezitten een belangrijke collectie Aziatische keramiek en beogen om, onder meer met een speciale website, het publiek een beter inzicht te geven in de keramiekproductie van Azië. Kijk hiervoor op www.aziatischekeramiek.nl.