Creatieve duizondpoot schiep enorm oeuvre

7 september 2016, Volkskrant

Kunst moet mooi en rustig zijn. Het moet tegenstellingen laten zien zoals het echte leven.' Geel en zwart kenmerken de schilderijen van de Groninger kunstenaar Abe Kuipers, die misschien nog meer bekendheid genoot als typograaf. Hij ontwierp de bewegwijzeringsborden die in Groningen werden geplaatst nadat de stad in de jaren zeventig met een verkeerscirculatieplan autoluw of autovrij was gemaakt. Hij ontwierp de catalogi voor het Groninger Museum en veel boeken van de Groningse uitgeverij Wolters-Noordhoff.

Duizendpoot Abe Kuipers overleed 11 augustus op bijna 98-jarige leeftijd. Hij laat een enorme collectie achter van vele soorten werk. Kuipers werd geboren in Rotterdam. Zijn ouders waren daar twee jaar eerder vanuit Groningen naartoe verhuisd, samen met hun eerste in 1914 geboren zoon Reinold.

Vijf maanden na de geboorte van Abe stierf zijn vader als gevolg van de beruchte Spaanse-griep-epidemie. Dat dwong zijn moeder met haar twee kinderen terug te keren naar Groningen. Deze dramatische gebeurtenis liet Abe Kuipers niet onberoerd. Hij was als kind een loner die graag tekende. Na de hbs ging hij daarom in 1937 naar de Kunstacademie. Toen Abe in juli 1940 afstudeerde had Reinold zich al gespecialiseerd in typografie en schreef gedichten, die in sommige gevallen ook over zijn vier jaar jongere broer Abe gingen. 'Hij blijft een vreemdeling in deze sfeer van doodgaan en ontbinding. Hij zwijgt en draagt zijn zwijgen als een paard.' Reinold Kuipers zou na de oorlog uitgever worden en van 1960 tot 1979 directeur van Querido.

Abe Kuipers kon pas na de oorlog zijn kunstenaarschap oppakken. Hij kiest er bewust voor om naast zijn vrije werk ook wat hij noemt toegepast werk te maken, zodat hij een bestaan kan opbouwen. Hij ging boeken illustreren en werd docent aan een grafische school.

Kuipers vestigde een atelier in Stitswerd. Aanvankelijk schilderde hij expressionistische landschappen, geïnspireerd door de Groningse kunstbeweging De Ploeg. Maar het schilderen in deze stijl hield op nadat Jos de Gruyter in 1955 directeur was geworden van het Groninger Museum en Abe Kuipers vroeg om briefpapier voor hem te ontwerpen. Al gauw werd Kuipers de vaste ontwerper van catalogi en ander drukwerk van het museum.

In 1962 verwisselde Kuipers het leraarschap aan de grafische school voor de Academie voor Kunst en Industrie (AKI) in Enschede. De arbeiderswoning in Stitswerd werd verruild voor een boerderij in het Drentse Donderen. Hij trouwde met Tanja van der Wal, met wie hij twee zonen kreeg. Naast schilderijen ging hij ook pop-art-achtige collages maken. Hij experimenteerde met nieuwe etstechnieken. Hij brak met landschapsschilderen en concentreerde zich op abstracte kunst, vooral in zwart-wit. Hierin probeerde hij zijn politieke en maatschappelijke gevoelens en emoties vast te leggen. 'Schilderijen zijn geen wandversiering. Geen plaatje. Maar iets van het leven. Het geeft weer wat je beleeft, wat je voelt. Daar gaat het om in de kunst.' Eind jaren zestig maakte hij ook films van zijn collages. Hij noemde dit zijn zwarte periode.

In 1981 kon Kuipers stoppen met zijn leraarschap aan de AKI en kon hij ook stoppen met grafisch ontwerpen. Het gaf hem het gevoel helemaal vrij te zijn. Enige tijd maakte hij vooral zeefdrukken in fluorescerende kleuren. Later werden het grote schilderijen. In 1980 ontving hij de H.N. Werkmanprijs voor zijn hele oeuvre. De Stichting Beeldlijn maakte in 2007 een documentaire over zijn leven en werk, met als titel Het innerlijke reservoir. Vier jaar later verscheen een monografie getiteld abekuipers van de hand van Stijn Hooijer en Auke Kuipers.

Door: Peter de Waard