De boomstamkano van Jemgum

In het kustgebied, dat in topografisch opzicht weinig afwisseling biedt, kan een kleine onregelmatigheid het verschil maken. Langs de Eems werd eeuwenlang kleihoudende oeverslib afgegraven om er stenen van te bakken. Soms werd er een stuk overgeslagen, omdat er te veel ander materiaal door het slijk zat.
Zo ging het ook ten zuiden van Jemgum, hier was de bovenste laag niet afgegraven waardoor het land een halve meter hoger lag dan het omliggende terrein. Bij opgravingen in 2009 werd op deze plaats een deel van een eikenhouten boot blootgelegd.

  • Helft van een boomstamkano, 600-640 na Christus, Jemgum aan de westoever van de Eems nabij Weener (Ostfriesland)Photo Groninger Museum (Marten de Leeuw), Groningen
  • Helft van een boomstamkano, 600-640 na Christus, Jemgum aan de westoever van de Eems nabij Weener (Ostfriesland)Photo Groninger Museum (Marten de Leeuw), Groningen

De boot uit Jemgum is van het type ‘verbrede boomstamkano’. Deze boten werden gemaakt van ontschorste en uitgeholde boomstammen. Om de wand van de boot overal even dik te maken boorde de bouwer er 39 gaten in om de dikte te nemen. Deze gaten noemen we kalibratieboringen waarmee de dikte van de wand voortdurend kon worden gecontroleerd. Deze gaten werden aan het eind gedicht met houten pinnen.
Nadat de romp was uitgehold werd de boot verhit om de wanden te kunnen strekken. Bijzonder aan deze boot is dat er een scheur in zit die mogelijk is ontstaan tijdens het strekken. Deze scheur is gedicht met drie houten plankjes, twee aan de binnenkant en één aan de buitenkant. Onderzoek wijst uit dat deze planken even oud zijn als het hout voor de boot, wat dus doet vermoeden dat deze scheur tijdens het maken van de boot is ontstaan.

In de afgelopen eeuw zijn in heel Oost-Friesland negen boomstamkano’s of andere vaartuigen ontdekt tijdens graafwerkzaamheden, maar niet één daarvan heeft de tand des tijds doorstaan.
De boomstamkano van Jemgum is het oudste vaartuig van Oost-Friesland dat bewaard is gebleven. Met een koolstof 14 datering is bepaald dat de boot komt uit 600-640 na Chr.
Ook in Nederland zijn er verschillende vaartuigen gevonden, het oudste voorbeeld daarvan is de kano van Pesse die in het Drents Museum te zien is, deze is nog veel ouder dan dit exemplaar. Uit enkele Friese terpen zijn ook bootfragmenten of voor scheepsbouw benutte klinknagels gevonden. 

Van de boot is alleen de voorste helft bewaard gebleven, het overgebleven stuk is 4,70m lang. De boot werd gevonden op een dam waar deze met een paal in de grond was gevestigd. In de boot was een vierkant gat gemaakt waar de paal doorheen stak. Het vermoeden is dat de boot toen deze oud en afgedankt was is gebruikt als versteviging voor de dam. Om te zorgen dat deze bleef liggen is er een paal doorheen gestoken.