Roddel in de regen

George Martens

George Martens ontwikkelde zich binnen de kunstkring De Ploeg als chroniqueur van de stad. Gedurende zijn huwelijk met Alida Pott bleef hij volop deelnemen aan het sociale leven in de stad. Martens had plezier in het tekenen en vastleggen van wat hij zag. Zijn belangstelling werd gewekt door tal van zaken. Hem troffen de meest gewone zaken, zoals een vrouw die met haar paraplu op moe tornen tegen de wind, nieuwsgierige toeschouwers op de straat, een verveelde ober of een groepje roddelende vrouwen in de regen. Wat inspireerde Martens in de stad?

  • George Martens (1894-1979), Roddel in de regen, 1927, Was/olieverf op doek, Bruikleen Stichting De Ploeg, legaat Thijs Martens en Annemarie Martens- Bonnema

De stad
Martens was geboeid door het bijzondere van het alledaagse. Hij bleef letterlijk dicht bij huis. Vaak observeerde hij zijn onderwerpen vanuit zijn huis aan het Kattendiep. Hoewel hij ook het Groninger landschap heeft vastgelegd, is het duidelijk dat zijn inspiratie vooral in de stad opbloeide. In zijn onderwerpkeuze is Martens van alle ploegschilders wel het meest verwant aan Brückekunstenaar Kirchner. Toch is de thematiek van zijn werk anders. Kirchner wilde de rauwe onderkant van de maatschappij laten zien. Martens was meer als een dichter, die een observatie wil vastleggen en daaruit een poëtische waarheid destileerde.

Toch ontbreekt het banale of het vulgaire van de mens niet in zijn werk. De vrouwen die onder een paraplu staan te kletsen in het schilderij Roddel in de regen hebben venijnige gezichten. Martens schilderde snel, maar met grote concentratie. Soms schilderde hij meteen op doek, meestal naar aanleiding van schetsen. Deze voorstudies laten zien dat hij zijn composities zorgvuldig voorbereidde. Hij hield zich altijd vast aan de wetten van het perspectief en de anatomie om een zo realistisch mogelijk tafereel te schetsen. De werkelijkheid werd in zijn werk nooit overvleugeld door expressiedrift. Hoe wild zijn techniek soms ook was, hij bleef impressionist in wat hij vastlegde. Dit was een uitganspunt waarvan hij niet wilde of kon afwijken, ook al deden zijn Ploegvrienden dat wel.

  • George Martens (1894-1979), People in the street – Vismarkt, 1926, Olieverf op doek, Bruikleen Stichting De Ploeg, legaat Thijs Martens en Annemarie Martens- Bonnema