Tentoonstelling

Louis Favre

24 mei 2005 t/m 11 september 2005

De Fransman Louis Favre (1891-1956) was letterlijk en figuurlijk een kleurrijke kunstenaar. Hij was opgeleid als landmeter maar vertrok op jonge leeftijd naar Parijs om schilder te worden. In de jaren twintig ontdekte hij na lang experimenteren de oude techniek van de Egyptische wasverf.

Hij had deze arbeidsintensieve techniek graag aan anderen geleerd, maar bij gebrek aan belangstelling heeft hij dit ‘geheim’ uiteindelijk meegenomen in zijn graf. Behalve op het gebied van de beeldende kunst was hij ook op andere terreinen werkzaam. Zo hield hij zich in de jaren dertig bezig met radiotechniek en schreef hij een hoorspel, een aantal sprookjes en een detectiveroman. Hij maakte diverse studiereizen naar Noord-Afrika.

In 1946 besloot Favre het schilderen op te geven en zich geheel aan de lithografie te wijden om zo ‘originele’ kunstwerken te maken voor een groot publiek. Zijn eerste tentoonstellingen met litho’s in Wenen en Berlijn raakten vrijwel direct uitverkocht. Vanaf 1947 illustreerde hij voor de in Den Haag gevestigde uitgeverijen Stols en Mouton & Co bibliofiele uitgaven van onder andere verhalen van Edgar Allen Poe en gedichten van Arthur Rimbaud. Hij trouwde er met een Nederlandse vrouw. In Nederland werd Favres werk zeer gewaardeerd. Pierre Janssen roemde hem omdat hij een van de eersten was die de op dat moment in onbruik geraakte techniek van de lithografie in eer had hersteld, en criticus Jos de Gruyter (de latere directeur van het Groninger Museum) schreef over hem in het Vaderland: zijn kleuren zijn even rijk als die van een gotisch kerkraam. In 1993 schonk de weduwe van Louis Favre een collectie van zijn litho’s en enkele tekeningen aan het Groninger Museum, waarvan hier een ruime selectie te zien is.