Het ontwerp

  • Entreehal Groninger Museum - Foto: Marten de Leeuw © Groninger Museum
  • Mendini trap - Foto: Marten de Leeuw © Groninger Museum

Typisch kenmerk
Alessandro Mendini kijkt over alle grenzen heen en ontkent traditionele rangordes. Bijvoorbeeld dat schilderkunst verheven is boven toegepaste kunst. Alle kunsthistorische stijlen zijn voor hem even belangrijk en bruikbaar. Daarbij komt dat, omdat volgens Mendini alle stijlen even belangrijk zijn, ook alle stijlen met elkaar gemixt kunnen worden. Dit is een typisch kenmerk van het 20ste eeuwse postmodernisme.

Mendini beschouwt het aanbrengen van versieringen als iets dat diep geworteld is in de mens. Door decoratie te benadrukken laat Mendini zien dat iedereen individueel en anders kan zijn. De vrolijke tegels op de buitenkant van het gebouw zijn daar een voorbeeld van.

Door zijn opvatting over het mengen van stijlen, werkt Mendini graag met verschillende disciplines en dus ook met andere kunstenaars, vormgevers en architecten. Mendini begeleidt en ontdekt graag jong talent.

Unieke locatie
In 1990 kiest een commissie de nieuwe locatie voor het museum. Het Groninger Museum moest zich in het Verbindingskanaal tussen de zuidkant van het centrum en het hoofdstation gaan vestigen. Een unieke locatie die het stationsgebied verbindt met de binnenstad.

Het ontwerp van het Groninger Museum ziet eruit als een langwerpig eiland. Het bestaat uit drie grote volumes in het water en wordt verbonden door gangetjes en pleintjes.
Het geheel moest lang uitgestrekt worden en bestaan uit kleine bouwgedeelten. Door die architectuur bleef namelijk het doorzicht voor omwonenden en schepen in het kanaal bestaan.

Uitgangspunt voor het ontwerp
Het ontwerp voor het nieuwe gebouw had één uitgangspunt. Het moest passen bij de sfeer van de collecties van het Groninger Museum. Dit zijn vier uiteenlopende collecties - Archeologie en Geschiedenis van Groningen, Kunstnijverheid, Oude Beeldende Kunst en Hedendaagse Beeldende Kunst.

Deze vier verschillende collectiegroepen vormen de basis voor de identiteit van het museum en moesten hun eigen plek krijgen in het nieuwe gebouw. Daarnaast moest het gebouw ook ruimte bieden voor ontwikkelingen in de kunst en architectuur van de jaren tachtig Het werd dan ook als logisch gezien om voor verschillende gezichtspunten samen te werken met verschillende architecten en ontwerpers.

Voor het nieuwe museum werden gastarchitecten aangetrokken. Vormgever Michele de Lucchi uit Italië, Philippe Starck uit Parijs en Coop Himmelb(l)au met kantoren in Wenen en Los Angeles. Ook werd samengewerkt met Nederlandse architecten en vormgevers, zoals het Groningse architectenbureau Team 4, Albert Geertjes en Geert Koster.

Het ontwerp
Het basisontwerp van Mendini bestaat uit drie eenvoudige bouwvolumes die in de lengte van het Verbindingskanaal los in het water liggen. leder bouwvolume bestaat uit meerdere delen, paviljoens, die op of naast elkaar geplaatst zijn. Elk paviljoen heeft zijn eigen functie en daarmee zijn een eigen vorm, kleur en materiaal.

Deze verschillende bouwvolumes worden verbonden door gangen. Deze gangen dienen tevens als bruggen. Een hemelsblauwe ophaalbrug voor fietsers en voetgangers doorsnijdt het complex.
De brug  verbindt niet alleen de twee oevers, maar is tevens onderdeel van een rechtstreekse verbinding tussen het station en het centrum. Daardoor is het museumgebouw een toegangspoort naar de binnenstad geworden.

Een revitalisering van het gebouw vond plaats in 2010. Mede daardoor kent het museumgebouw nog altijd de glans die de ontwerpers en architecten in 1994 voor ogen hadden.

'Mendini maakt de wereld mooi',

Door: Rob Driessen, in Collect - Kunst en Antiek Journaal, Issue oktober 2011

'Mendini maakt de wereld mooi', (.PDF)