De directe mogelijkheid voor dit grootscheepse bouwproject wordt gegeven op 28 september 1987. Dan schenkt de N.V. Nederlandse Gasunie 25 miljoen gulden voor een nieuw te bouwen Groninger Museum. Voor het museum een prachtig moment. Het oude gebouw aan de Praediniussingel, waarin het Groninger Museum precies 100 jaar gehuisvest was, werd veel te klein. De schenking, ter ere van het (in 1988) 25-jarig bestaan van het gasconcern wordt dan ook met gejuich ontvangen. Het is de start van een ruim 7 jaar durend project dat op 29 oktober 1994 voltooid wordt met de opening van het nieuwe Groninger Museum.
Locatie
Na allerlei locatiemogelijkheden te hebben bekeken, kiest een voorbereidingscommissie in 1990 uiteindelijk voor de zwaaikom in het Verbindingskanaal aan de zuidkant van het centrum. Het is een historische plek, grenzend aan de statige 19e eeuwse singels met herenhuizen die gebouwd zijn op de plaats waar ooit de oude verdedigingsmuur van de stad stond. De stadsgracht lag op de plek waar later het verbindingskanaal gegraven is. Aan de andere kant bevinden zich het hoofdstation en enkele grote lintvormige kantoorgebouwen gebouwd in de laatste decennia. Een unieke locatie die het stationsgebied verbindt met de binnenstad.
Mendini
De keuze voor de hoofdarchitect valt vrijwel direct op de Italiaanse vormgever/architect Alessandro Mendini, van wie het Groninger Museum al verscheidene werken in collectie heeft. Immers, de geest van de jaren tachtig, een periode die sterk vertegenwoordigd is in de collectie Hedendaagse Beeldende Kunst, is bij uitstek in zijn werk aanwezig. Zijn visie en werkwijze sluiten perfect aan op de ideeën van de toenmalige directeur van het museum, Frans Haks, omtrent de nieuwbouw. Want één ding stond vanaf het begin al vast: het moest een bijzonder gebouw zijn, het visitekaartje van het museum. Uitnodigend en toegankelijk. Mendini, geboren in 1931, is een veelzijdig man. Naast architect is hij ook designer, kunstenaar, theoreticus en dichter. In 1988 presenteerde het Groninger Museum een grote overzichtstentoonstelling van zijn activiteiten waarin zijn veelzijdigheid duidelijk tot uiting kwam. Mendini publiceert veel. Hij schrijft bijvoorbeeld columns in internationale tijdschriften waardoor hij als theoreticus van het nieuwe design kan worden beschouwd
Uitgangspunten
Uitgangspunt in 1987 voor het nieuw te bouwen museum was de aard en de sfeer van de collecties waar het Groninger Museum uit bestaat: Archeologie en Geschiedenis van Groningen, Kunstnijverheid, met als belangrijke deelcollectie Chinees en Japans porselein, Oude Beeldende Kunst (van ca. 1500 tot 1950) en Hedendaagse Beeldende Kunst (vanaf 1950 tot nu). Deze vier totaal verschillende collecties vormen de identiteit van het museum en die zouden in het gebouw zichtbaar moeten zijn en een eigen plek moeten hebben. Tegelijkertijd moest het nieuwe gebouw een staalkaart zijn van de ontwikkelingen in de kunst en architectuur van de jaren tachtig. Logisch was dan ook de eis van samenwerking met verschillende architecten en/of ontwerpers, zodat allerlei verschillende gezichtspunten gecombineerd zouden worden en de afzonderlijke sferen van de collecties tot uiting kwamen.
Eisen en wensen
Mendini was gebonden aan een aantal eisen van de gemeente. Er moest een directe verbinding tussen station en binnenstad (fiets- en voetgangersbrug) opgenomen worden in het ontwerp, de scheepvaart moest door kunnen gaan, en men moest vanaf de ene oever de andere oever kunnen blijven zien (de 'transparantie' van het ontwerp).
Met deze gegevens volgt een jarenlang ontwerpproces, waarbij allerlei ideeën en ontwerpen de revue gepasseerd zijn. In november 1990 werd het definitieve ontwerp goedgekeurd. Echter, door een beroepsprocedure aangetekend bij de Raad van State door tegenstanders van het Groninger Museum, duurde het tot april 1992 voordat met de bouw begonnen kon worden.
Gastarchitecten
Voor het nieuwe museum werden gastarchitecten aangetrokken om delen van het museum, paviljoens, te ontwerpen: de Italiaanse vormgever Michele de Lucchi uit Italië, Philippe Starck uit Parijs en, in een vrij laat stadium, Coop Himmelb(l)au met kantoren in Wenen en Los Angeles. Ook werd samengewerkt met Nederlandse architecten en vormgevers, zoals het Groningse architectenbureau Team 4 (projectarchitect), Albert Geertjes en Geert Koster.
Het gebouw
Het basisontwerp van Mendini bestaat uit drie eenvoudige en strakke bouwvolumes die in de lengte van het Verbindingskanaal los in het water liggen en met elkaar verbonden worden door gangen. Deze gangen dienen tevens als brug. Een hemelsblauwe ophaalbrug voor fietsers en voetgangers doorsnijdt het complex. Het verbindt niet alleen de twee oevers, maar maakt tevens onderdeel uit van een rechtstreekse verbinding tussen station en binnenstad. Het museum is daardoor een toegangspoort naar het centrum geworden, waar men 'dwars doorheen gaat. leder bouwvolume bestaat uit meerdere delen, paviljoens, die op of naast elkaar geplaatst zijn. Elk paviljoen heeft zijn eigen functie en daarmee samenhangend een eigen vorm, kleur en materiaal.
Relatie tussen binnen en buiten
Aan de buitenkant is direct te zien dat het hier gaat om een gebouw waarin diverse vormen van kunst en design gepresenteerd worden. De brug, aan de stationszijde gemarkeerd door een blauwe hoefijzervormige poort, verbergt een verrassing. Wanneer de ophaalbrug omhoog staat, kan men vanuit de stad een kunstwerk van Wim Delvoye zien, dat is aangebracht op de onderzijde. Uitvergrote Delftsblauwe tegels met schijnbaar 17e eeuwse emblemen verwijzen naar de collecties kunstnijverheid en oude beeldende kunst. De vorm daarentegen is heel eigentijds. De beeldspelletjes zijn geen bestaande voorbeelden, maar door Delvoye bedachte cartoons en de tegels zijn in werkelijkheid grote stickers.
Midden op de piazza voor de entree staat een sculptuur van Mendini. Het is een zelfstandig werk, een rustbank en een verwijzing: de plattegrond van het museum is hier rechtop gezet. Zo ontstaat en mensachtige figuur. Staande voor de entree is het rode neonplafond van François Morellet binnen in de entreehal te zien. De ovale lijnen van dit kunstwerk, dat speciaal voor deze plek is gemaakt, zetten de lijnen van de architectuur naar binnen voort.
Van april tot december 2010 was het Groninger Museum tijdelijk gesloten wegens een revitalisering van het gebouw. Door de revitalisatie heeft zowel het interieur als het exterieur van het museum de glans van haar oorspronkelijke staat weer heroverd.
Klik op de foto hieronder voor een video over de revitalisatie van het Groninger Museum.